Gesprekken over levensvragen met patiënten met dementie of een migratieachtergrond

In de palliatieve fase is het voor patiënten belangrijk om gesprekken over levensvragen te voeren. Zorgverleners ervaren het soms als een uitdaging om deze gesprekken te voeren met patiënten met beginnende dementie of een migratieachtergrond. Daarom is het Diamant Model, een gespreksmodel wat daarbij helpt, nu doorontwikkeld voor deze patiënten.
Om in de palliatieve fase goede en passende zorg te geven, is het van belang om als zorgverlener te weten welke betekenis patiënten geven aan deze fase in hun leven en hoe zij dit beleven. Een gesprek hierover gaat vaak over zingeving en spiritualiteit: wat is echt van waarde voor patiënten en wat geeft hen kracht en inspiratie? De zorg voor patiënten met een migratieachtergrond of dementie sluit nu vaak niet goed aan bij wat ze werkelijk nodig hebben.
Onderzoekers Marc Haufe en Marieke Potma gingen daarom in het project DIAMAND onder leiding van Carlo Leget (Universiteit van Humanistiek) en Saskia Teunissen (UMC Utrecht) aan de slag met het doorontwikkelen van dit gespreksmodel. Ze richtten zich hierbij op 5 verschillende doelgroepen die thuis, in het ziekenhuis of verpleeghuis verbleven: mensen met een Nederlandse culturele achtergrond zonder en mét beginnende dementie en mensen met een Turkse, Marokkaanse en Surinaamse achtergrond. Samen met patiënten binnen deze doelgroepen, hun naasten en zorgverleners hebben ze het Diamant Model aangepast.
Naar aanleiding van het onderzoek zijn geestelijk verzorgers, verpleegkundigen en casemanagers dementie getraind om met de aangepaste modelvarianten te kunnen werken. Bij deze zorgverleners was de behoefte het sterkst. Geestelijk verzorgers kunnen artsen in deze werkwijzen vervolgens meenemen. Marieke: ‘We namen ze echt mee op reis, leerden ze van perspectief te wisselen en interesse te tonen voor iemands levensverhaal. Het toevoegen van rituelen, maar ook woorden, kan al zo’n verschil maken voor patiënten. In de Surinaamse cultuur bijvoorbeeld zijn er veel woorden die staan voor saamhorigheid, iets wat voor mensen met een Surinaamse achtergrond heel belangrijk is. Voor verzorgers kan het ook leuk zijn om al die andere culturen en talen te leren kennen. Ik zeg altijd: doe alsof je op reis bent en sta open voor elkaar.’
Lees hier meer over het Diamant model en de ervaringen van de onderzoekers

Diversiteit in onderzoek; zó lukt het

Met allerlei subsidieprogramma’s stimuleert ZonMw gezondheidsonderzoek en zorginnovatie. De organisatie vindt  het belangrijk dat onderzoek nuttig is voor diverse groepen in onze samenleving. Daarom vragen ze projectleiders om zo breed mogelijke onderzoeksgroepen te hanteren. Maar hoe bereik je dat? Shirley Ramdas (NOOM) en Mehmet Uygun (Stichting Gezondheid Allochtonen Nederland) leggen in een interview voor de website van ZonMw uit hoe je mensen met een migratieachtergrond betrekt bij onderzoek. Beide organisaties hebben via-via toegang tot een grote onderzoekspopulatie voor onderzoekers. ‘Dat doen we heel graag, maar het is natuurlijk geen kwestie van een blik opentrekken’, geeft Shirley aan. ‘Onderzoekskandidaten vinden kost ook voor ons veel tijd. Onderzoekers doen er echt verstandig aan die tijd in te calculeren. En niet alleen het leggen van contact kost tijd, ook het onderhouden ervan. Je moet weten dat in niet-westerse culturen veel meer de nadruk ligt op de relatie dan in Nederland. Wij merken dat het animo bij de deelnemers afneemt, doordat er vanuit de onderzoekspartijen weinig aandacht is voor échte uitwisseling. Zo krijgen patiënten bijvoorbeeld zelden teruggekoppeld wat er gebeurt met de resultaten. Dat motiveert niet om een volgende keer weer mee te werken aan onderzoek.’ Mehmet wijst op twee andere knelpunten: ‘Veel organisaties komen naar ons toe omdat er weinig migranten reageren op hun onderzoeksoproepen. Dan kijken we bijvoorbeeld naar hun vragenlijsten en dan zien we het al: veel te lang en ingewikkeld. De vertalingen zijn soms in academisch Arabisch of Turks. De meeste immigrantenouderen zijn laaggeletterd en begrijpen daar helemaal niets van! Wat ook vaak voorkomt, is dat er veel schaamte is rond een onderwerp. De meeste mensen uit de doelgroep denken daar gewoon liever niet over na, en willen er al helemáál niet over praten. Maar het zijn vaak wel heel belangrijke onderwerpen. Onze uitdaging is om op een respectvolle manier de nadruk te leggen op gezondheid, zodat mensen bewust kunnen kiezen voor hun toekomst.’
Lees het hele artikel op de website van ZonMw

Leidraad cultuurspecifiek zorg

Met de publicatie Leidraad cultuurspecifieke zorg, maak kennis met de leefwereld van oudere migranten, wil het NOOM een bijdrage leveren aan het versterken van bestaande initiatieven voor cultuurspecifieke zorg voor migrantenouderen en wil het helpen om nieuwe plannen uit te werken tot instrumenten en interventies die bijdragen aan het verkleinen van verschillende achterstanden, zoals in gezondheid en beleving van gezondheid, zowel fysiek als psychisch.
De volgende onderdelen maken deel uit van de Leidraad Cultuur Specifieke Zorg:

  • suggesties over communicatie en bejegening
  • aanvullingen die bijdragen aan passende zorg
  • scholing om nieuwe kennis eigen en toepasbaar te maken
  • naslagwerk dat kan worden gebruikt om met elkaar in gesprek te gaan

Ook bevat de leidraad een overzicht met links naar voorzieningen en informatie op het gebied van cultuursensitieve en cultuurspecifieke zorg.
De leidraad is het resultaat van drieënhalf jaar werken en is tot stand gekomen aan de hand van vele gesprekken met ouderen met een migratieachtergrond en met de mensen die belangrijk voor hen zijn. De publicatie is tot stand gekomen met steun van het ministerie van VWS en maakt deel uit van het bredere project Leidraad cultuurspecifieke zorg.

Download hier de Leidraad

Seniorencoalitie: Prijsstijgingen noodzaken tot AOW-verhoging

Uit onderzoek van KBO-PCOB blijkt dat de explosieve prijsstijgingen zorgen voor acute koopkrachtproblemen bij ouderen, en al helemaal bij mensen zonder financiële buffer. Nu het kabinet en de coalitiepartijen in het kader van de augustusbesluitvorming aan zet zijn om nog iets van de koopkracht overeind te houden, wil de Seniorencoalitie dat de AOW met spoed wordt verhoogd.

Bij Voorjaarsnota heeft het kabinet al besloten tot een extra verhoging van het minimumloon met 2,5% in 2023, 2,5% in 2024 en 2,32% in 2025 (cumulatief 7,5%). Deze verhoging wordt, in afwijking van een eerder plan in het coalitieakkoord, doorgekoppeld naar de AOW.
De Seniorencoalitie, bestaande uit KBO-PCOB, ANBO, de Koepel Gepensioneerden en NOOM, wil nu dat de volledige verhoging van het minimumloon, en daarmee o.a. ook de AOW, naar voren wordt gehaald, naar 2023. Want buitengewone tijden vereisen, met urgentie, buitengewone maatregelen. Senioren hebben met spoed een financiële injectie nodig om hun boodschappen en energielasten te kunnen blijven betalen.

IOAOW
In de Voorjaarsnota heeft het kabinet verder aangekondigd dat de inkomensondersteuning AOW (IOAOW)[1] in de jaren 2023 tot 2025 stapsgewijs wordt afgeschaft. Op deze manier wil het kabinet de AOW-koppeling gedeeltelijk financieren. De Seniorencoalitie vindt dat de koppeling hierdoor ook deels een sigaar uit eigen doos is voor AOW’ers. Nu senioren financieel door het ijs aan het zakken zijn, gaat het niet aan de IOAOW af te schaffen. De Seniorencoalitie wil dat dit plan van tafel gaat of dat de AOW wordt opgehoogd met het bedrag dat mensen nu aan IOAOW ontvangen. In ieder geval zou de Seniorencoalitie het onbegrijpelijk vinden als het kabinet de voorgenomen eerste stap van de IOAOW-afbouw in 2023 doorzet.
Lees meer over het koopkrachtonderzoek van KBO-PCOB
Lees de reactie van de Seniorencoalitie op de augustusraming  van het CPB 

Lees hier het artikel in de Telegraaf met de oproep van de Seniorencoalitie om de AOW te verhogen

Surinaamse ouderen leven op dankzij cultuurspecifieke zorg

In Nederland komt de grootste groep 55-plussers met een migratieachtergrond uit Suriname. Maar zij voelen zich niet altijd thuis in de Nederlandse ouderenzorg. De vraag naar cultuurspecifieke woongroepen en verpleegtehuizen groeit, want teruggaan naar Suriname is geen optie.
Mensen met een migratieachtergrond voelen zich echter niet altijd voldoende thuis in de Nederlandse gezondheidszorg, blijkt uit onderzoek van Kennisplatform Inclusief Samenleven (KIS).
In een reportage op NieuwWij vertellen Surinaamse ouderen over hun wensen en ervaringen met betrekking tot cultuursensitief wonen en zorgen.

Toolkit voorlichting energietoeslag

In verband met de stijgende energiekosten heeft het ministerie van Sociale Zaken & Werkgelegenheid een toolkit voorlichting energietoeslag ontwikkeld. Huishoudens met een inkomen rond het sociaal minimum hebben veel moeite om die kosten te betalen. Voor hen heeft de overheid de energietoeslag in het leven geroepen. De financiële tegemoetkoming van 800 euro is bedoeld als bijdrage aan de energiekosten. Nog niet alle huishoudens die mogelijk recht hebben op de energietoeslag en deze zelf dienen aan te vragen, hebben zich gemeld bij de gemeente. Daarom heeft de overheid middelen ontwikkeld die organisaties kunnen gebruiken om hun klanten, medewerkers of andere mensen in hun netwerk attent te maken op het bestaan van de energietoeslag. De Toolkit Energietoeslag bevat de volgende middelen:

  • De kernboodschap (wat is de energietoeslag en wie kan die krijgen?)
  • Een voorbeeldtekst voor een bericht aan uw medewerkers, klanten of anderen in uw netwerk
  • Een flyer die u kunt verspreiden onder uw medewerkers, klanten of anderen in uw netwerk
  • Een opzet voor social media-berichten (beeld en tekst) waarmee u de boodschap over de energietoeslag eenvoudig verspreidt via uw social media-kanalen
  • Een overzicht van de regelingen en verwijzingen naar tips bij geldzorgen door de stijgende energiekosten (Dit overzicht is niet bedoeld voor publicatie door derden, maar kan als ondersteuningsmiddel dienen voor organisaties waar mensen met geldzorgen door de stijgende energierekening aankloppen voor hulp).

De middelen kunnen ook gebruikt worden door gemeenten die (extra) voorlichting willen geven over de energietoeslag.  Het is mogelijk om tekst op maat toevoegen aan de afbeeldingen voor social media en de flyer om inwoners te verwijzen naar website of het telefoonnummer van de gemeente. Zodat gemeenten hun inwoners middels de lokale voorlichting gelijk naar de plek kunnen verwijzen waar de toeslag aangevraagd moet worden.

  • Een afbeelding voor social media (tekst op maat toe te voegen)
  • Een flyer (tekst op maat toe te voegen)

Download hier materialen uit de toolkit (scroll naar beneden)

Informatie in meerdere talen over energietoeslag Drechtsteden

Vanaf dinsdag 19 april is het voor inwoners van de Drechtsteden, die hiervoor in aanmerking komen, mogelijk om een energietoeslag aan te vragen bij de Sociale Dienst Drechtsteden. Omdat (migranten)ouderen daar onvoldoende van op de hoogte bleken te zijn heeft de Sociale dienst de informatie m.b.t. de eenmalige energietoeslag laten vertalen in 6 talen: Arabisch, Engels, Farsi, Pools, Spaans en Tigrinya.
Voor de vertalingen, zie: https://www.socialedienstdrechtsteden.nl/home
Alle informatie over de energietoeslag in de Drechtsteden (Dordrecht, Zwijndrecht, Hendrik-Ido-Ambacht, Alblasserdam, Papendrecht, Sliedrecht en Hardinxveld-Giessendam) is te vinden op www.socialedienstdrechtsteden.nl/nieuws/aanvragen-eenmalige-energietoeslag

Ombudsman: financiële hulp regelen vaak te moeilijk voor ouderen

Het is vaak te moeilijk voor ouderen om bij de overheid financiële hulp aan te vragen, concludeert de Nationale ombudsman. Veel ouderen maken daardoor geen gebruik van zogeheten inkomensvoorzieningen, waar ze wel recht op hebben. Het gaat bijvoorbeeld om zorg- en huurtoeslag of een aanvulling op het inkomen als iemand geen volledige AOW krijgt. Sommige ouderen komen daardoor onnodig onder het sociale bestaansminimum terecht, zegt ombudsman Reinier van Zutphen. “Als we weten om wie het gaat en waarop ze recht hebben, waarom gaan we ze dan niet wat beter helpen?” Van Zutphen sprak voor zijn onderzoek met tientallen ouderen en tussenpersonen, waaronder het NOOM.
Er spelen volgens de ombudsman meerdere problemen. Het kan zijn dat ouderen niet op de hoogte zijn van bestaande financiële regelingen. Maar als dat wel het geval is, werpt het aanvragen vaak een drempel op. De regels zijn te ingewikkeld, en zonder hulp komen ouderen er dan niet uit.

Ouderen actief benaderen
Ook speelt een gebrek aan vertrouwen in de overheid mee, dat extra is aangewakkerd door onder meer de toeslagenaffaire. “Ze ervaren de overheid als bureaucratisch, begrijpen in veel gevallen de regels niet of ze vergeten dat ze wijzigingen op tijd moeten doorgeven. Ze zijn bang dat ze te maken krijgen met een terugvordering”, staat in het rapport.
De ombudsman zegt dat de overheid ouderen veel actiever moet benaderen en niet moet afwachten totdat ouderen zelf aankloppen. Van belang is om persoonlijk contact met hen te leggen, via telefoon en huisbezoeken. Ook moet beter in kaart worden gebracht welke ouderen financieel kwetsbaar zijn. Als er aan een inkomensvoorziening verder geen verplichtingen verbonden zijn, moet die automatisch worden toegekend. In andere gevallen zou de overheid moeten helpen bij de aanvraag.

Lees het artikel op de site van de NOS

Voor het onderzoek zijn ook migrantenouderen, sleutelfiguren en medewerkers van het NOOM geïnterviewd, omdat  oudere migranten oververtegenwoordigd zijn in de groep die in armoede leeft. Het NOOM heeft er ook op gewezen dat veel regels met betrekking tot het aanvragen van financiële hulp niet aansluiten bij de situatie van betrokkenen.

Oudere migranten hebben baat bij cultuurspecifieke zorg

Zorgvoorzieningen die zich specifiek richten op oudere migranten kunnen helpen om de gezondheidskloof te dichten. Dat soort voorzieningen zijn echter ‘uit de mode’ geraakt sinds de gemeenten verantwoordelijk zijn voor ouderenzorg. Dat laat onderzoeker Hanna Carlsson zien in haar onlangs verschenen proefschrift, waarvoor ze veldwerk deed in Nijmegen en Den Haag. In haar proefschrift onderzoekt Carlsson de effecten van twee recente trends in het Nederlandse zorgbeleid: lokalisering en postmulticulturalisme. Die eerste ontwikkeling, die rond 2010 begon, hield in dat de zorg steeds meer op wijkniveau werd georganiseerd. Daarnaast veranderde vanaf de eeuwwisseling het denken over de multiculturele samenleving. Speciale voorzieningen voor migrantengroepen belemmerden de integratie, was de gedachte. ‘Nu hebben gemeenten het liever over inclusiviteit’, aldus Carlsson. Zij raadt gemeenten aan om in kaart te brengen welke groepen wel en niet goed worden bereikt. Dat hangt niet alleen samen met etniciteit, taal of cultuur, maar ook met de lokale gemeenschap: ‘Voor mensen van Chinese afkomst in Nijmegen kan het moeilijk zijn om zorgvoorzieningen te vinden. Maar in Den Haag gaat het zo. Er zijn daar zoveel mensen met die achtergrond: zelfs als je geen Nederlands spreekt, zijn er genoeg mensen die je kunnen helpen.’
Ook pleit Carlsson voor een meer toekomstgerichte blik op het zorgsysteem. De gezondheidsverschillen worden nu vaak als een korte termijnprobleem gezien, dat vooral te maken heeft met de achterstanden van de huidige generatie oudere arbeidsmigranten. Maar de bevolking wordt alleen maar diverser: in 2050 bestaat 24 procent van de 65-plussers uit mensen met een migratieachtergrond, tegenover 14 procent nu. In de grote steden gaat het zelfs om 1 op de 3 in 2030. En het is wishful thinking om te denken dat de toekomstige migranten minder behoefte zullen hebben aan cultuurspecifieke zorg, zegt Carlsson. ‘We moeten accepteren dat we migrantengroepen blijven hebben die een grote afstand hebben tot de zorg. Ook zou het beleid ten aanzien van oudere migranten een positievere toon aan kunnen slaan, vindt Carlsson. ‘Dat betekent dat we erkennen dat migratie-gerelateerde diversiteit niet alleen een probleem is. Het is ook een bron van betekenis in het leven van veel ouderen. Ook voor ouderen die “goed geïntegreerd zijn” en bijvoorbeeld de Nederlandse taal goed spreken.’
Lees het volledige artikel op de site van Binnenlands bestuur

Mantelzorger van migrant met dementie staat er nog te vaak alleen voor

Migranten met dementie maken minder gebruik van ondersteunende zorg, zoals dagbesteding of thuiszorg. Deze zorg is voor hen ook minder toegankelijk. Zorgmedewerkers gaan er nog te snel van uit dat migrantenfamilies geen hulp willen, terwijl hier vaak wel behoefte aan is. Dat blijkt uit gesprekken die NU.nl voerde met meerdere experts.
“Wij zorgprofessionals denken te vaak dat bijvoorbeeld Turkse families de zorg volledig zelf willen doen. Daardoor stellen we ondersteuning, zoals dagbesteding of thuiszorg, niet eens voor.” Dat is een van de redenen dat ouderen met een migratieachtergrond minder toegang hebben tot dementiezorg, vertelt Gözde Duran-Kiraç, onderzoeker aan Hogeschool Windesheim en de Vrije Universiteit Amsterdam. Zij kijkt hoe de toegang tot zorg vergroot kan worden voor migranten met dementie en hun mantelzorgers.
Dat mantelzorgers met een migratieachtergrond wel degelijk hulp nodig hebben, ziet Habiba Chrifi-Hammoudi. Zij is mantelzorgconsulent en coördinator bij U Centraal in Utrecht. Daarnaast is ze zelf ook mantelzorger. “Ik kom mensen tegen die echt met hun handen in het haar zitten, die een vader of moeder met dementie hebben en zorg nodig hebben. Ze weten alleen niet waar ze terecht kunnen.”
Lees het volledige artikel op nu.nl